de film

 
 

Deze bijna drie uur durende kroniek opent met archiefbeelden van immigranten die per boot Amerika binnenkomen en tijdens deze de sociale cultuur schetsende openingsgeneriek verraadt de muziek van Giorgio Moroder nog niet de ware identiteit van Scarface. Vervolgens ontmoeten we Tony Montana terwijl hij door enkele leden van de douanepolitie ondervraagd wordt. Als onderwerpen zoals Tony’s litteken (de enige verwijzing naar de titel "Scarface") en de vraag of hij dat heeft opgelopen tijdens een onverbloemd geformuleerde daad van “eatin’ pussy” onthult de prent al meteen zijn zwartkomische, sadistisch grijnzende gelaat. Eens op Amerikaanse grond gaat Tony, samen met zijn vriend Manny (Steven Bauer) op zoek naar de felbegeerde American Dream. Vuile klusjes zorgen ervoor dat hij na enige tijd in de gunst van een flamboyante gangsterbaas (Robert Loggia) komt en langzaam maar zeker start Tony een brutaal offensief dat hem niet alleen naar de top brengt maar ook in het bed van de cokesnuivende vriendin (Michelle Pfeiffer) van zijn baas.

Hoewel niet gebaseerd op een specifieke gangster (Scarface was de bijnaam van Al Capone maar met hem heeft deze prent weinig of niets te maken) biedt de film, vele verassingen. Tony’s verhaal is er een van succes en tragiek, zoals we zo vaak in andere soortgelijke films zien. Het verschil zit hem in de uitwerking, de knetterende dialogen en de fenomenale vertolkingen van alle betrokkenen. Boven alles torent echter een man uit: Al Pacino. Hoewel zijn legendarische status op dat moment na rollen in The Godfather Part I en II, Serpico en Dog Day Afternoon om er maar een paar te noemen al bevestigd was kon hij toch een triomf gebruiken na de erg lichtvoetige tragikomedie Author! Author! waarin hij een gefrustreerde toneelschrijver die na het vertrek van zijn vrouw alleen voor de kinderen van het gezin moet zorgen vertolkt. Scarface kon op geen beter moment komen en Pacino kneedde het personage tot een iconische, nu nog vaak geciteerde, immens populaire figuur die vandaag, en dat is wel enigszins zorgwekkend, meer fans dan ooit heeft. Al pacino heeft met zijn vertolking van Scarface de gansterwereld een ander daglicht gegeven. Heel vreemd is het feit dat dit een van de weinige films is waarin het hoofdpersonage over nagenoeg geen morele waarden beschikt. Tony Montana (Scarface) is een vloekende, mensen vermoordende, egoïstische, sadistische, megalomane rotzak en toch slaagt Pacino, compleet met een hilarisch Cubaans accent, erin om hem op de een of andere manier charmant te laten overkomen. Binnen de wereld van Scarface nemen De Palma en Stone het publiek mee op sleeptouw en wie zich verzet tegen de verwerpelijkheid van Montana zal zich niet weinig ergeren aan de zedeloosheid en brutaliteit van deze prent. In heel de film is er slechts een moment waarop de makers Scarface een menselijk gezicht geven en dat is als hij afziet van de moord op enkele kinderen. Op elk ander moment is hij een onvoorspelbare psychoot die voortdurend op ontploffen staat. Als uiteindelijk de keerzijde van het succes op de voorgrond komt zakt Tony weg in een onbezonnen drugsroes boordevol paranoïde waanvoorstellingen, escalerend geweld en tirannieke waanzin. Met oneliners als “I kill communists for fun”, “you fuck with me, you fuckin’ with the best!”, “You got a look in your eye like you haven't been fucked in a year!” en veel, veel meer is de in Hawaïhemden gehulde Scarface een personage van alle tijden geworden; de niet uit de filmwereld weg te denken verpersoonlijking van alle menselijke zonden en angsten.

 
 

     terug