|
1
|
Welke 4 seizoenen heb je in een jaar?
a) ...........................................
b) ...........................................
c) ...........................................
d) ..........................................
|
O
|
|
2
|
Welke drie kleuren vind je bij de winter horen?
a) ...........................................
b) ...........................................
c) ...........................................
|
O
|
|
3
|
Welke drie kleuren vind je bij de lente horen?
a) ...........................................
b) ...........................................
c) ...........................................
|
O
|
|
4
|
Welke drie kleuren vind je bij de zomer horen?
a) ...........................................
b) ...........................................
c) ...........................................
|
O
|
|
5
|
Welke drie kleuren vind je bij de herfst horen?
a) ...........................................
b) ...........................................
c) ...........................................
|
O
|
| |
Controle |
|
| - |
Heb je bij elk seizoen andere
kleuren staan? |
O
|
|
-
|
Vind jij deze kleuren echt bij het seizoen
horen?
|
O
|
|
6
|
Begin één velletje A4 te beschilderen
met de drie kleuren van de winter. Het hele velletje moet bedekt
worden met verf. Je mag de kleuren altijd lichter maken met wit.
Meer kleuren dan de drie die je hierboven hebt beschreven mag je
niet gebruiken.
|
O
|
|
Laat zien wat je gedaan hebt.
********************************************************************************
|
|
7
|
Verf nu de andere drie seizoenen. Per velletje
papier één seizoen. Let goed op de kleuren die je
hierboven hebt opgeschreven. De verf lichter maken met wit mag altijd.
|
O
|
| |
Controle |
|
| - |
Zij alle 4 de velletjes volledig
beschilderd? |
O
|
| - |
Heeft elk seizoen precies de kleuren
gekregen die je van te voren hebt opgeschreven? |
O
|
|
Laat zien wat je gedaan hebt.
********************************************************************************
|
|
8
|
Nu ga je in een tijdschrift plaatjes zoeken die
dezelfde kleuren hebben als je winterschilderij. Het mag van alles
zijn. Van teddyberen tot auto's tot bloemen tot schoenen. Kijk maar
goed. Knip minimaal 4 plaatjes uit die dezelfde kleuren als je schilderij
hebben.
|
O
|
| |
Controle |
|
| - |
Heb je de plaatjes netjes uitgeknipt?
|
O
|
|
-
|
Komen er in je plaatje bijna geen andere
kleuren voor?
|
O
|
|
Laat zien wat je gedaan hebt.
********************************************************************************
|
|
9
|
Plak de plaatjes nu op je winterschilderij.
|
O
|
|
10
|
Zoek nu plaatjes voor je lenteschilderij. Knip
ze op dezelfde manier uit als bij je winterschilderij. En plak ze
op.
|
O
|
|
11
|
Zoek nu ook voor de zomer en de herfst plaatjes
op en plak ze op.
|
O
|
|
12
|
Nu ga je beginnen met het maken van lijsten om
je schilderijen heen. Dit heet met een moeilijk woord passe-partout.
Pak 4 vellen gekleurd papier. De 4 vellen moeten allemaal dezelfde
kleur hebben. Kijk dus goed welke kleur jij bij je schilderijen
vindt passen.
|
O
|
|
13
|
Trek een lijn over de lengte van het papier. Deze
lijn staat 2 cm. van de kant af.
|

|
|
|
14
|
Trek nu ook een lijn aan de korte kant van het
papier op 2cm van de kant.
|

|
|
|
15
|
Doe aan de andere zijkant en onderkant hetzelfde.
Ook weer 2 cm. van de kant af.
|

|
|
|
Laat zien wat je gedaan hebt.
********************************************************************************
|
|
16
|
Doe stap 13 t/m 15 ook bij de drie andere vellen.
|
|
| 17 |
Pak een snijplank en leg dit onder het gekleurde
vel. Snijdt het grote rechthoek uit. Let op! De rand die overblijft
moet helemaal aan elkaar zitten.
|
|
|
|
Laat zien wat je gedaan hebt.
********************************************************************************
|
|
18
|
Snijdt nu ook de rechthoeken uit de overige drie
vellen.
|
|
|
19
|
Plak nu de lijsten op je schilderijen. En klaar
is je vierluik.
|
|
|
Controle |
|
|
-
|
Heb je de lijsten netjes uitgesneden? |
O
|
| - |
Heb je de lijsten netjes op je
schilderijen geplakt? |
O
|
|
|
Hoe zou je de schilderijen kunnen laten hangen?
|
|
|
20
|
Print een beoordelingsformulier uit en vul jouw
gedeelte in.
|
O
|
|
We bekijken je werkstuk samen en maken de beoordeling
af.
|
|