Onderzeedienst

De Onderzeedienst beschikt over vier van de modernste conventionele (oftewel niet nucleaire) onderzeeboten ter wereld en één torpedowerkschip. Het totaal aantal personeelsleden van de Onderzeedienst bedraagt ongeveer 400.

Het aantal bemanningsleden van een onderzeeboot bedraagt 54 personen, die een aantal extra keuringen hebben moeten ondergaan voordat zij bemanningslid mochten worden van een onderzeeboot. Aan boord krijgen ze een trainingsprogramma waarbij elk bemanningslid, van kok tot commandant, de onderzeeboot moet kennen. Het eerste deel van deze training wordt afgesloten met een examen. Zij die slagen krijgen het felbegeerde onderzeedienstinsigne, de ‘flipper’, opgespeld.

Taken

Onderzeeboten bezitten unieke, stealthy eigenschappen. Eenmaal ondergedoken zijn ze onzichtbaar en zeer moeilijk op te sporen door schepen, vliegtuigen of andere onderzeeboten. Zij kunnen gedurende lange tijd onder water blijven en hun opdracht uitvoeren. In vredestijd worden de Nederlandse onderzeeboten vooral ingezet voor verkenningen. Een andere taak van de onderzeeboten is dat zij veelvuldig optreden als doelboot voor fregatten, maritieme patrouillevliegtuigen en helikopters, om de geoefendheid van deze eenheden op peil te houden.

 
Vaandeloverdracht Onderzeedienst en Mijnendienst
14-7-2005

Op 14 juli 2005 is de Onderzeedienst en de Mijnendienst opgehouden te bestaan, nadat de vaandels van beide diensten in aparte ceremonieën zijn overgedragen door de commandanten aan de Commandant Zeemacht in Nederland (CZMNED), vice-admiraal (VADM) J.W. Kelder. Beide diensten zijn als modules opgenomen in de nieuwe organisatie van de Netherlands Maritime Force (NLMARFOR).